Vastleggen
Houd je aandacht bij het zorgcontact.
Leg het gesprek vast en spreek je eigen bevindingen en afspraken duidelijk uit.
Hysio Cardiologie
Hysio ordent een cardiologisch consult, uitslaggesprek of korte vervolgnotitie: reden van komst, anamnese, onderzoek met bronrol en datum, en het beleid dat jij uitspreekt.
Gestructureerd verslag in jouw vaktaal
Van zorgcontact naar verslag
Hysio zet gesproken informatie om in een verslag. Kies de verslagvorm voor het gesprek dat je vastlegt.
Vastleggen
Leg het gesprek vast en spreek je eigen bevindingen en afspraken duidelijk uit.
AI-assistenten
Jij controleert en bepaalt wat je opslaat.
In je werkdag
Meer aandacht voor het gesprek, minder typewerk erna.
Maak relevante uitspraken, je eigen bevindingen en afspraken hoorbaar. Zo kun je ze terugvinden in je verslag.
De informatie komt onder de koppen van de gekozen verslagvorm, zodat je die per onderdeel kunt nalopen.
Controleer namen, feiten en afspraken. Pas de tekst waar nodig aan voordat je het verslag in je dossier gebruikt.
Zelf ervaren
Probeer Hysio 14 dagen gratis of plan een persoonlijke demo.
Voor je team
Kort antwoord
Beroepseigen structuur voor de cardiologie, met ruimte voor reden van komst, anamnese, onderzoek met bronrol en datum, jouw conclusie en het besproken beleid.
Lees hoe Hysio aansluit op een poliklinisch consult, een uitslaggesprek of een korte notitie na telefonisch contact of visite. De antwoorden zijn gekoppeld aan de catalogus van verslagvormen, de beroepsbronnen voor de cardiologie en de grenzen van brongebonden verslaglegging.
Bespreek je een al beoordeelde uitslag, dan past het uitslag- en vervolgconsult; gaat het om een eerste uitgebreide uitvraag, dan de intake. De uitslag zelf landt in elke vorm bij het aanvullend onderzoek, met onderzoekssoort, datum en de rol van wie hem beoordeelde. De conclusie van het ECG houdt daar haar eigen label. Alleen wat jij als cardioloog uitspreekt, komt in de conclusiesectie te staan. [2] [3] [4] [5] [1] [11]
Metingen krijgen een vaste plek en houden hun herkomst. Wat je bij lichamelijk onderzoek vaststelt, zoals bloeddruk en pols, staat bij het onderzoek; een ritme uit een ECG of Holter blijft bij dat onderzoek staan, met datum en bronrol. Getal, eenheid, houding en meetmoment neemt Hysio letterlijk over en rekent niets om. Jouw duiding van die waarden staat gescheiden van de waarde zelf, zodat later leesbaar blijft wie wat vaststelde. [2] [1] [10]
Hartrevalidatie komt alleen in het verslag wanneer het contact er werkelijk over ging. De bespreking met de patiënt staat bij de anamnese, de indicatie die jij uitspreekt onder het beleid, met wie het vervolg oppakt. Een gewone cardiologische intake wordt niet vanzelf een hartrevalidatie-intake: zonder broninhoud verschijnt dat onderwerp niet. Hysio vult geen deelnamebesluit, programma of doelstelling in en neemt geen indicatiestelling over. [10] [1] [2]
Het verslag draagt geen briefhoofd, adressering, aanhef of ondertekening en geen identificerende velden: geen BSN, patiëntnummer, documentnummer, BIG-nummer of naam van een behandelaar. Je beperkt de tekst tot wat dit contact nodig heeft. Gegevens over derden, bijvoorbeeld in de familieanamnese, noteer je met hun rol en niet uitgebreider dan de zorg vraagt. Wat je met een naaste of een andere zorgverlener deelt, en op welke grondslag, leg je apart vast. [8] [11] [1]
Het tarief hangt niet af van je specialisme. Hysio kent drie abonnementen: Starter voor 20 euro, Pro voor 40 euro en Unlimited voor 80 euro per maand, exclusief btw. Kies je jaarlijks, dan betaal je tien maanden en gebruik je er twaalf. Er is geen apart tarief per beroepsgroep en geen toeslag voor cardiologische verslagvormen. De actuele bedragen en de veertiendaagse proefperiode staan op de centrale prijzenpagina. [6] [7]
Een eigen sjabloon past wanneer je ziekenhuis vaste koppen, autorisatieregels of gestructureerde velden voorschrijft die zwaarder wegen; codering en registratievelden vult Hysio sowieso niet in. Een Hysio-verslagvorm past wanneer je uit gesproken bron een lopende tekst wilt waarin bronrollen, onderzoeksdata en jouw conclusie herkenbaar uit elkaar blijven. Vergelijk beide op twee punten: leest je vakgroep de koppen vlot, en blijft elke regel herleidbaar naar wie hem aanleverde. [1] [10] [11]
Lees het concept naast wat je hebt gedicteerd en loop vier dingen na. Kloppen getal, eenheid, datum en zijde letterlijk. Staat de conclusie van een ECG, echo of Holter nog bij dat onderzoek en niet bij jouw conclusie. Is een alleen aangevraagd of aangekondigd onderzoek niet als resultaat weergegeven. Ontbreekt een onderdeel in de bron, dan hoort daar een vaste zin te staan in plaats van een aanvulling. Een vaste vorm maakt een verslag niet vanzelf juist. [1] [11] [9]
Je hoeft tijdens het contact niet mee te typen: je vat achteraf samen wat is gezegd en gedaan. Wat de patiënt zelf vertelt over klachten, belastbaarheid, zorgen en verwachtingen blijft als eigen melding herkenbaar en wordt niet samengevoegd met jouw bevinding. Zo blijft in het dossier zichtbaar welk deel van het verhaal van de patiënt komt. Voordat de tekst het dossier in gaat, lees je haar zelf terug. [1] [2] [10]
Een leeg sjabloon geeft je koppen; een verslagvorm ordent de aangeleverde bron. Elke regel houdt zijn herkomst, een onderzoeksconclusie blijft gescheiden van jouw conclusie, en een onderdeel waar de bron niets over zegt krijgt een vaste zin in plaats van een aanname. Dat verschil telt vooral bij een contact met meerdere uitslagen en meerdere vertellers. Beoordeling, diagnose en beleid blijven onveranderd bij jou. [1] [2] [10]
Begin klein: neem een contacttype dat vaak terugkomt, bijvoorbeeld het reguliere polikliniekconsult, en laat de andere contacten zoals ze zijn. Spreek vooraf af wie een concept naleest voordat het in het dossier komt en welke gegevens er niet in horen. Kijk een aantal contacten lang of de koppen aansluiten op wat je vakgroep leest en wat je moest corrigeren. Pas daarna neem je een tweede contacttype erbij. [7] [8] [1]
Voor het reguliere cardiologische contact op de polikliniek, telefonisch of digitaal. De vorm opent met een samenvatting en houdt daarna drie lagen uit elkaar: de broninformatie met reden van komst, verwijzing, voorgeschiedenis en speciële anamnese; de bevindingen met lichamelijk en aanvullend onderzoek en jouw conclusie; en het vervolg met het besproken beleid. Het deel dat je in een brief overneemt loopt van reden van komst tot beleid, zonder adressering of ondertekening. [2] [1] [11]
Voor de uitgebreide eerste uitvraag. De vorm legt de verwijsvraag vast, de relevante voorgeschiedenis, de klachten, de familiaire en sociale context, de verwachtingen van de patiënt, het onderzoek en het brongebonden vervolg. Blokken over actieve diagnoses, sociale anamnese en verwachtingen verdwijnen met kop en al zodra de bron er niets over draagt. Open vragen en signalen van Hysio staan in een apart adviesdeel en dus buiten het deel dat je als brief overneemt. [3] [1] [11]
Voor het vervolgcontact waarin je een al beoordeelde uitslag bespreekt en het beleid bijstelt. Het beloop sinds het vorige contact en de actuele klachten landen bij de speciële anamnese; er is geen aparte kop voor beloop. De conclusie van een ECG, echo, Holter of inspanningsonderzoek blijft met onderzoekssoort, datum en bronrol bij het aanvullend onderzoek. Een aangekondigde of nog niet geautoriseerde uitslag verschijnt niet als resultaat. [4] [1] [11]
Voor je eigen journaalregel na een kort vervolgcontact, een telefonisch contact of een visite tijdens opname. De vorm zet een samenvatting boven vier delen: Subjectief, Objectief, Evaluatie en Plan. Die ordening is gangbaar voor zo'n korte notitie en is geen voorgeschreven cardiologisch format; er bestaat voor de decursus geen landelijke richtlijn die een vaste kopstructuur eist. De brief aan de verwijzer volgt de drie andere vormen. [5] [1] [11]
De keuze volgt het contact, niet het onderwerp. Een eerste uitgebreide uitvraag vraagt de intake. Een regulier poliklinisch, telefonisch of digitaal contact vraagt het consult. Een gesprek over een al beoordeelde uitslag vraagt het uitslag- en vervolgconsult. Een korte notitie na telefonisch contact of een visite vraagt het SOEP-verslag. Twijfel je tussen twee vormen, kies dan de vorm waarvan de koppen dit contact dragen; brongebonden blijft de tekst in alle vier. [1] [2] [11]
Kies de intake wanneer het startpunt nog vastgelegd moet worden: verwijsvraag, voorgeschiedenis, sociale context en verwachtingen. Kies een vervolgverslag wanneer dat startpunt er al ligt en alleen de verandering telt: het beloop sinds het vorige contact, nieuwe uitslagen en het bijgestelde beleid. Neem je een patiënt over van een collega of gaat het om een tweede mening, dan leg je het startpunt opnieuw vast, ook al is er al een dossier. [1] [2] [11]
Hysio maakt geen zelfstandig verrichtingenverslag. Wat in het contact is uitgesproken, de aanleiding, wat er is gedaan en de bevinding zoals jij die benoemt, komt bij het aanvullend onderzoek te staan met datum en bronrol. Het formele interventieverslag blijft een eigen document in je eigen systeem. Materiaal, maat, zijde of complicatie verschijnen alleen wanneer de bron ze draagt; Hysio leidt niets af en vult geen registratieveld in. [1] [2] [11]
De kern is kort: de reden van het bericht, jouw conclusie, het afgesproken beleid en wat je de verwijzer aanbeveelt voor het vervolg. Anamnese, beloop, onderzoek en medicatie voeg je toe zover de ontvanger ze nodig heeft om verder te kunnen. Het briefdeel loopt van reden van komst tot beleid en bevat geen briefhoofd, adressering of ondertekening. Of dit bericht mag worden gestuurd, en aan wie, beoordeel je zelf. [1] [2] [11]
Drie lagen blijven uit elkaar: wat de patiënt of een naaste meldt, wat een verpleegkundige of collega observeerde, en wat je zelf vaststelde bij lichamelijk of aanvullend onderzoek. Per onderdeel blijft zichtbaar wie het aanleverde. Daardoor wordt een gemelde klacht geen bevinding en een bevinding geen conclusie. Die scheiding telt het zwaarst bij een contact waarin verschillende mensen aan het woord zijn geweest. [1] [2] [11]
Alleen wanneer bron, methode en meetmoment vergelijkbaar zijn, of wanneer jij de vergelijking uitspreekt. Hysio berekent geen verschil, percentage, klasse of trend; twee waarden blijven twee waarden met hun eigen datum en herkomst. Noem je een verbetering of een verslechtering, dan staat die in het verslag als jouw uitspraak. Zo blijft later leesbaar of de verandering is gemeten of door jou beoordeeld. [1] [2] [11]
In de woorden van de patiënt en zo concreet mogelijk: aard en plaats van de klacht, wat haar uitlokt, hoe lang ze duurt, welke verschijnselen erbij horen en wat de patiënt zelf over zijn belastbaarheid zegt. Spreek je een functionele klasse uit, dan wordt die letterlijk overgenomen; Hysio bepaalt zo'n klasse nooit zelf en leidt haar niet af uit een klachtenverhaal. Wat niet ter sprake kwam, blijft leeg met een vaste zin. [1] [11]
Elke aangeleverde regel krijgt zijn herkomst: de patiënt, een naaste, de verwijzer, een verpleegkundige of een eerder verslag. Zo blijft zichtbaar dat een familieanamnese van de patiënt komt en een nachtelijke ritmeobservatie van de afdeling. Ook een aangeleverd onderzoeksverslag is een bron en houdt zijn eigen datum en beoordelaar. Wat je zelf hebt waargenomen staat daar los van, zodat later niemand jouw waarneming voor andermans mededeling aanziet. [1] [11]
Waarde, eenheid, methode en tijdstip horen bij elkaar. Een bloeddruk zonder houding of tijdstip zegt weinig, een ejectiefractie zonder onderzoeksdatum evenmin. Hysio neemt getal en eenheid letterlijk over, rondt niets af, zet niets om en vult een ontbrekende eenheid niet aan; wat de bron niet draagt, blijft zichtbaar open. Wat de waarde betekent voor deze patiënt, is jouw oordeel en staat in je conclusie. [1] [11]
De uitslag blijft bij haar onderzoek staan: welke soort, welke datum, wie haar beoordeelde en de conclusie zoals die is uitgesproken. Die onderzoeksconclusie houdt haar eigen label en wordt niet naar jouw conclusie gekopieerd, ook niet wanneer beide hetzelfde zeggen. Onderscheid daarbij aangevraagd, gepland, uitgevoerd, beoordeeld en geautoriseerd onderzoek. Alleen een onderzoek met een werkelijk uitgesproken resultaat draagt een uitslag. [1] [11]
Nee. Hysio leest geen echobeeld, geen ECG-registratie, geen Holter en geen scan, en interpreteert geen ruwe data. Wat in het verslag komt is het al beoordeelde onderzoeksverslag of de conclusie die is uitgesproken, met bronrol en datum erbij. Een klachtenpatroon of een losse meetwaarde bewijst op zichzelf geen cardiologische conclusie. Die conclusie spreek jij uit, of ze staat er niet. [10] [9] [11]
Afkortingen blijven exact zoals je ze uitspreekt, bekend of onbekend. Dat een afkorting niet herkend wordt, is geen reden om haar uit te schrijven of te vervangen. Taal uit een ander vak hoort er niet in: de vaste koppen van de huisartsenzorg, een paramedisch schema of een verpleegkundig classificatiekader komen niet in een cardiologisch verslag. Zo blijft de tekst leesbaar voor wie in jouw vakgroep meeleest. [1] [11]
Met de rol erbij: partner, kind of mantelzorger, en wat die persoon precies meldde. Bij een verwijzer noteer je de verwijsvraag zoals ze is gesteld, niet zoals jij haar zou samenvatten. Informatie over een derde blijft beperkt tot wat voor deze zorg nodig is; een familieanamnese hoeft geen dossier van een familielid te worden. Wil je iets met een naaste delen, dan vraagt dat toestemming van de patiënt en leg je die vast. [1] [11]
De vraag die voorligt, de bevindingen met hun onderzoeksdatum, jouw conclusie en wat al met de patiënt is besproken. Omdat per onderdeel zichtbaar blijft wie het aanleverde, hoeft het overleg niet op een aanname te steunen. Een uitkomst van het overleg is pas een besluit wanneer die is uitgesproken en vastgelegd; Hysio maakt van een overweging geen besluit en vult geen ontbrekende deelnemer of datum in. [1] [2] [11]
Neem een controle na een eerdere opname. De patiënt vertelt hoe het gaat en wat hij merkt bij inspanning; je noteert je eigen bevindingen, noemt de al beoordeelde uitslag met haar datum, spreekt je evaluatie uit en legt het beleid vast met wie wat oppakt. Onderdelen die niet aan de orde kwamen blijven leeg. Er verschijnt geen diagnose die je niet hebt uitgesproken en geen afspraak die niet is gemaakt. [1] [11] [2]
Schrijf uitsluitend wat in het contact is gezegd of in een aangeleverd verslag staat, telkens met de rol erbij. Houd de tekst bij wat de ontvanger nodig heeft om verder te kunnen; een volledige dossierkopie is geen overdracht. Laat je eigen conclusie herkenbaar als jouw conclusie, los van de conclusie van een onderzoek. Wat ontbreekt benoem je als ontbrekend, in plaats van het aan te vullen uit waarschijnlijkheid. [10] [8] [11]
Nee. Hysio ordent wat is gezegd en legt vast wat jij hebt vastgesteld en besloten. Een ritmeclassificatie, een ernstgraad, een indicatie of een diagnose verschijnt alleen wanneer jij haar uitspreekt. Ontbreekt jouw conclusie in de bron, dan blijft daar een vaste zin staan dat er geen conclusie is uitgesproken, en wordt de conclusie van een onderzoek daar niet voor in de plaats gezet. De betekenis van de bevindingen bepaal jij. [9] [1] [11]
Jij. Je leest het concept na, corrigeert wat van de bron afwijkt en beslist wat in het dossier komt. De wettelijke dossierplicht en de bewaartermijn liggen bij de behandelaar en zijn instelling, niet bij een hulpmiddel. Hysio neemt geen professionele beslissing over, bewaakt geen termijn en autoriseert niets. Wat uiteindelijk in het dossier staat, is de tekst die jij hebt goedgekeurd. [1] [9] [11]
Dan blijft dat onderdeel leeg, met een vaste zin dat het niet in de aangeleverde bron staat. Er wordt geen datum, waarde of conclusie bijgemaakt en niets afgeleid uit de context van het gesprek. Is de bron als geheel te dun voor een verslag, dan volgt één weigeringszin in plaats van een half ingevuld document. Aanvullen doe je zelf, uit wat je werkelijk hebt gezien, gehoord en vastgesteld. [1] [9] [11]
Niet voor de acute beoordeling zelf. Hysio triageert niet, bepaalt geen urgentie en signaleert geen alarmsymptoom. Bij pijn op de borst, ritmestoornis of een instabiele patiënt handel je eerst volgens je eigen beoordeling en de afspraken van je afdeling. Pas daarna leg je vast wat er is gebeurd, wat je hebt gedaan en wat je hebt besloten. Verslaglegging komt na de zorg, niet ervoor. [9] [8] [11]
Binnen de behandelrelatie leest mee wie bij de zorg betrokken is; daarbuiten deel je alleen met toestemming van de patiënt en voor een omschreven doel. De verwijzer ontvangt wat nodig is om de zorg voort te zetten, niet meer. Leg vast wat is afgesproken, met wie en waarvoor, en noteer een bezwaar even zorgvuldig als een toestemming. Hysio verstuurt zelf niets en beoordeelt geen grondslag voor delen. [8] [11] [1]
Nee. Hysio kiest geen behandeling, ingreep of medicijn en stelt geen dosisaanpassing voor. Een medicatiefeit komt alleen terug zoals het in het contact is uitgesproken, en een medicatiebeleid alleen als jouw beleid. Er wordt geen medicatielijst opgebouwd en geen naam, sterkte of dosering gladgestreken. Aparte blokken voor actieve medicatie, allergieën of bijwerkingen horen niet in deze verslagvormen thuis. [9] [10] [11]
Als twijfel. Zeg je dat iets waarschijnlijk is, of nog onduidelijk, dan blijft dat zo in de tekst staan; een uitspraak wordt niet stelliger en ook niet voorzichtiger gemaakt dan de bron haar draagt. Een openstaande vraag, een nog te beoordelen onderzoek of een afspraak die nog moet volgen noteer je als openstaand, met wie het oppakt. Zo leest een collega later wat vaststond en wat nog niet. [1] [11] [9]
Beide lezingen blijven staan, elk met hun herkomst en hun moment. De patiënt kan iets anders melden dan de verwijsbrief, en een eerdere uitslag kan afwijken van de huidige. Hysio kiest niet tussen twee bronnen, middelt niet en laat er geen weg om de tekst te laten kloppen. Jij weegt de bronnen tegen elkaar af en zet die afweging in je eigen conclusie, zodat zichtbaar blijft waarop je besluit rust. [1] [11]
Letterlijk. Naam, sterkte, dosering, eenheid, getal en meetmoment blijven exact zoals je ze uitspreekt, en dat geldt ook voor de zijde links of rechts. Er wordt niets omgerekend, afgerond of naar een gangbare schrijfwijze getrokken. Codering, declaratie- en registratievelden blijven volledig buiten de verslagvorm. Wat je niet hebt uitgesproken, komt er niet bij; een ontbrekende dosering wordt niet aangevuld uit gewoonte. [1] [11] [9]
Loop de delen langs. Staat de reden van komst er zoals besproken. Kloppen getallen, eenheden, data en zijde met je dictaat. Staat de conclusie van een onderzoek nog bij dat onderzoek. Is het beleid het beleid dat jij hebt uitgesproken, met de juiste eigenaar en termijn. Haal weg wat niet in dit dossier hoort en vul aan wat de bron miste. Pas als dat klopt, neem je de tekst over in je dossiersysteem. [1] [8] [9] [11]
Zet de vraag vooraan, dan de bevindingen met hun datum en bron, dan wat is afgesproken en wat nog openstaat. Noem wie het vervolg oppakt en binnen welke termijn, voor zover dat is uitgesproken. Spreek in je vakgroep af wie de tekst naleest voordat een collega ermee verder werkt. Houd het bij wat de ontvanger nodig heeft; een dienstoverdracht is iets anders dan een volledig dossier. [10] [8] [11] [2]
Leg vier dingen vast: welke verslagvorm bij welk contacttype hoort, wie een concept naleest voordat het in het dossier komt, hoe je terugkerende termen en afkortingen schrijft, en welke gegevens buiten het verslag blijven. Spreek daarnaast af wie autoriseert en wat er gebeurt als een uitslag nog niet beoordeeld is. Zonder zulke afspraken verschilt de tekst per collega en wordt het dossier moeilijker te lezen. [1] [2] [10]
Kies één contacttype en een afgebakende periode, en laat twee collega's dezelfde verslagvorm gebruiken op echte contacten. Verzamel wat jullie moesten corrigeren en waarom: ontbrak er een kop, stond een uitslag op de verkeerde plaats, week een term af van jullie schrijfwijze. Bespreek die lijst met de vakgroep, pas de afspraken aan en neem daarna pas een tweede contacttype erbij. [7] [8] [1]
Leg de delen van de verslagvorm naast de koppen die jouw dossiersysteem verwacht en spreek af waar elk deel landt. Verschilt de volgorde of de naamgeving, dan geldt de lokale afspraak: het verslag is een concept dat jij zelf overneemt, niet een invoer die het systeem stuurt. Autorisatie, toegangsrechten en bewaartermijn volgen het beleid van je instelling. Structuurvelden en codes vul je in je eigen systeem in. [10] [1] [11]
Stel de vraag zoals je hem in de spreekkamer zou stellen, met je eigen vakwoorden erin. Vraag waar een echo-uitslag landt, wat er gebeurt als een conclusie ontbreekt, of hoe een verwijzing naar hartrevalidatie wordt vastgelegd. Zulke vragen leveren een concreet antwoord op; een brede vraag over administratie levert een algemeen antwoord. Op deze pagina staan vijftig van die vragen, elk met de bron waarop het antwoord rust. [1] [11] [2]
Meet het in je eigen praktijk. Noteer hoeveel minuten je nu aan een poliklinisch bericht besteedt, hoeveel correcties een concept vraagt en hoeveel contacten je per dagdeel doet, en vergelijk dezelfde contacttypen over een aantal weken. Tel de nacontrole mee, want die hoort bij het werk. Een landelijk percentage zegt niets over jouw polikliniek; alleen je eigen meting en de kwaliteit van het verslag geven antwoord. [1] [10] [7]
Veertien dagen zijn genoeg om te zien of de delen aansluiten op jouw contacten, of getallen, eenheden en data letterlijk terugkomen, en hoeveel je moet corrigeren voordat een tekst het dossier in kan. Beoordeel dat op echte contacten die je zelf naleest, niet op een bedachte casus. De voorwaarden van de proefperiode staan centraal op de prijzenpagina en zijn niet per specialisme anders. [7] [6] [8]
Op de centrale pagina's: de abonnementen op de prijzenpagina, verwerking en bewaring in de privacyverklaring, de grenzen van het platform in de disclaimer en de contractvoorwaarden bij de juridische informatie. Die pagina's gelden voor alle beroepen en zijn geen cardiologische norm. Ze vervangen ook het beleid van je ziekenhuis niet: de verwerkersafspraken en het informatiebeveiligingsbeleid van je instelling blijven leidend. [6] [8] [9]
Maak een korte lijst met de termen en afkortingen die jullie gebruiken en de schrijfwijze die in het dossier hoort. Spreek af wat je voluit schrijft, wat je afkort en hoe je een onderzoeksconclusie labelt, zodat die niet met jouw conclusie versmelt. Deel die lijst met nieuwe collega's en met arts-assistenten. Consistente taal maakt een dossier leesbaar voor iedereen die er later mee verder moet. [1] [10] [11]
Splits het contact in drie vragen: wat is aangeleverd, wat heb je zelf vastgesteld en wat heb je besloten. Bij meerdere aandoeningen houd je per probleem de bevinding en het beleid bij elkaar, zodat het vervolg per probleem leesbaar blijft. Uitslagen van verschillende data blijven bij hun eigen onderzoek staan. Voeg geen overkoepelende conclusie toe die je in het contact niet hebt uitgesproken. [1] [11] [2] [9]
Het geldende beroepskader bepaalt welke informatie zorgvuldig en herleidbaar wordt vastgelegd.