Vastleggen
Houd je aandacht bij het zorgcontact.
Leg het gesprek vast en spreek je eigen bevindingen en afspraken duidelijk uit.
Hysio Psychotherapie
Hysio ondersteunt de psychotherapie met een brongebonden verslagopbouw rond aanmelding en hulpvraag, therapeutisch proces en interventies en doelvoortgang, evaluatie en afsluiting.
Gestructureerd verslag in jouw vaktaal
Van zorgcontact naar verslag
Hysio zet gesproken informatie om in een verslag. Kies de verslagvorm voor het gesprek dat je vastlegt.
Vastleggen
Leg het gesprek vast en spreek je eigen bevindingen en afspraken duidelijk uit.
AI-assistenten
Jij controleert en bepaalt wat je opslaat.
In je werkdag
Meer aandacht voor het gesprek, minder typewerk erna.
Maak relevante uitspraken, je eigen bevindingen en afspraken hoorbaar. Zo kun je ze terugvinden in je verslag.
De informatie komt onder de koppen van de gekozen verslagvorm, zodat je die per onderdeel kunt nalopen.
Controleer namen, feiten en afspraken. Pas de tekst waar nodig aan voordat je het verslag in je dossier gebruikt.
Zelf ervaren
Probeer Hysio 14 dagen gratis of plan een persoonlijke demo.
Voor je team
Kort antwoord
Deze verslagvormen voor Psychotherapie zijn voor Hysio Psychotherapeutische Intake, Hysio Psychotherapiesessie en Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting. Jij houdt de professionele beoordeling en dossierkeuze.
Hysio bereidt voor de psychotherapie vaste verslagstructuren voor rond aanmelding en hulpvraag, therapeutisch proces en interventies en doelvoortgang, evaluatie en afsluiting.
Hysio Psychotherapeutische Intake richt zich binnen het psychotherapeutische proces op aanmelding en hulpvraag. Voor het vervolg gebruikt de psychotherapeut Hysio Psychotherapiesessie, gericht op therapeutisch proces en interventies, en Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting, gericht op doelvoortgang, evaluatie en afsluiting. Cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven in elke vorm losse bronnen, en informatie komt er pas in wanneer de bron die ook echt levert. Interventiekeuze, toestemming en de uiteindelijke dossierkeuze blijven steeds een beoordeling van de psychotherapeut binnen de psychotherapie. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Binnen het psychotherapeutische proces hoort aanmelding en hulpvraag bij Hysio Psychotherapeutische Intake. Vanuit hulpvraag en therapeutische relatie zet de structuur hulpvraag en verwachtingen apart van de context van het eerste contact, terwijl cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen afzonderlijke bronnen blijven. Bij hulpvraag en verwachtingen geldt: alleen opnemen als de bron het echt draagt, en dat geldt evengoed voor besproken meetinformatie. De psychotherapeut blijft verantwoordelijk voor interventiekeuze rond aanmelding en hulpvraag, de toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie. [1] [2] [5] [6]
Voor therapeutisch proces en interventies zet je binnen het psychotherapeutische proces Hysio Psychotherapiesessie in. Hulpvraag en therapeutische relatie is het vertrekpunt waarmee de structuur interventies en respons onderscheidt van doelvoortgang; cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen leveren elk hun eigen, herkenbare bijdrage. Zonder een dragende bron blijft interventies en respons buiten het verslag, precies zoals bij besproken meetinformatie. Interventiekeuze rond therapeutisch proces en interventies, de toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie beoordeelt de psychotherapeut zelf. [1] [3] [5] [6]
Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting hoort bij het psychotherapeutische proces wanneer doelvoortgang, evaluatie en afsluiting aan de orde is. Uitgaand van hulpvraag en therapeutische relatie worden doelvoortgang en afsluiting en nazorg in de structuur uit elkaar gehouden, met cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen als afzonderlijke bronnen. Doelvoortgang verschijnt uitsluitend in het verslag als de bron dat werkelijk onderbouwt, net zoals besproken meetinformatie dat vereist. Rond afsluiting en nazorg, toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie ligt het finale oordeel bij de psychotherapeut. [1] [4] [5] [6]
In het psychotherapeutische proces behandelt Hysio Psychotherapeutische Intake het onderwerp therapeutisch proces en interventies. De structuur volgt hulpvraag en therapeutische relatie en houdt afsluiting en nazorg gescheiden van hulpvraag en verwachtingen, terwijl cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen elk als eigen bron herkenbaar blijven. Alleen als de bron het daadwerkelijk aandraagt, komt afsluiting en nazorg in het verslag terecht; voor besproken meetinformatie geldt dezelfde regel. De psychotherapeut beslist zelf over interventiekeuze, hulpvraag en verwachtingen, toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie. [1] [2] [4] [5] [6]
Aanmelding en hulpvraag komt binnen het psychotherapeutische proces aan bod via Hysio Psychotherapeutische Intake. Vertrekkend vanuit hulpvraag en therapeutische relatie onderscheidt de structuur hulpvraag en verwachtingen van de context van het eerste contact; cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven daarbij losse bronnen. Hulpvraag en verwachtingen krijgt geen plek zonder dragende bron, wat ook voor besproken meetinformatie geldt. De uiteindelijke beoordeling van interventiekeuze rond hulpvraag en verwachtingen, toestemming en dossierkeuze binnen de psychotherapie is aan de psychotherapeut. [1] [2] [5] [6]
Hysio Psychotherapeutische Intake ordent aanmelding en hulpvraag zodra dit in het psychotherapeutische proces naar voren komt. Hulpvraag en therapeutische relatie vormt het uitgangspunt om therapeutische relatie apart te houden van interventies en respons, met cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen als eigen, herkenbare bronnen. Wat therapeutische relatie betreft: dat komt alleen mee wanneer de bron het levert, en voor besproken meetinformatie geldt hetzelfde uitgangspunt. Interventiekeuze rond interventies en respons, toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie blijft de psychotherapeut zelf beoordelen. [1] [2] [5] [6]
Bij therapeutisch proces en interventies gebruikt de psychotherapeut tijdens het psychotherapeutische proces Hysio Psychotherapiesessie. De structuur werkt vanuit hulpvraag en therapeutische relatie en zet interventies en respons naast doelvoortgang neer, terwijl cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen afzonderlijke bronnen blijven. Draagt de bron geen informatie over interventies en respons, dan blijft dat punt leeg; hetzelfde principe geldt voor besproken meetinformatie. Interventiekeuze rond doelvoortgang, toestemming en dossierkeuze binnen de psychotherapie vallen onder het eigen oordeel van de psychotherapeut. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Voor het psychotherapeutische proces koppelt Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting aan doelvoortgang, evaluatie en afsluiting. Door hulpvraag en therapeutische relatie als uitgangspunt te nemen, houdt de structuur doelvoortgang en afsluiting en nazorg van elkaar gescheiden; cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven zichtbaar losse bronnen. Doelvoortgang wordt enkel opgenomen als de bron dat echt bevestigt, en die eis geldt evenzeer voor besproken meetinformatie. De psychotherapeut beoordeelt tot slot zelf interventiekeuze rond afsluiting en nazorg, de toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Voor Psychotherapie staan de beroepsspecifieke verslagvormen nog gepland; centrale registratie met profielcode 074 werkt intussen al wel. Binnen het psychotherapeutische proces blijven aanmelding en hulpvraag, afsluiting en nazorg en hulpvraag en verwachtingen gekoppeld aan de bron. Zodra de vorm klaarstaat, controleer je als psychotherapeut zelf cliëntrespons, toestemming en de dossierkeuze binnen de psychotherapie, onder meer bij Hysio Psychotherapiesessie. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Hysio Psychotherapeutische Intake plaatst aanmelding en hulpvraag voorop in het psychotherapeutische proces, met hulpvraag en verwachtingen als tastbare context. Vanuit hulpvraag en therapeutische relatie wordt de hulpvraag onderscheiden van een professionele conclusie. Bijdragen van cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond aanmelding en hulpvraag ordent Hysio, zonder daar zelf een conclusie over risico- en middeleninformatie aan te verbinden. Wat rond aanmelding en hulpvraag en hulpvraag en verwachtingen nog openstaat, legt de psychotherapeut in de psychotherapie vast zodra het expliciet is besproken. [1] [2] [5] [6]
In het psychotherapeutische proces krijgt hulpvraag en verwachtingen voorrang binnen Hysio Psychotherapeutische Intake, met aanmelding en hulpvraag als concrete aanleiding. Hulpvraag en therapeutische relatie maakt het mogelijk hulpvraag en verwachtingen te scheiden van een professionele conclusie. Cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen leveren elk hun eigen bijdrage rond hulpvraag en verwachtingen, die Hysio ordent zonder een eigen oordeel over risico- en middeleninformatie te vellen. De psychotherapeut noteert in de psychotherapie enkel wat expliciet ter sprake kwam, met aanmelding en hulpvraag en hulpvraag en verwachtingen als openstaand punt. [1] [2] [5] [6]
Hysio Psychotherapeutische Intake zet tijdens het psychotherapeutische proces aanmelding en hulpvraag centraal, terwijl Hysio Psychotherapiesessie zich richt op therapeutisch proces en interventies. Om hulpvraag en verwachtingen te onderscheiden van een professionele conclusie, vertrekt de structuur vanuit hulpvraag en therapeutische relatie. Hysio ordent de bijdragen van cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond beide onderwerpen, maar trekt geen eigen conclusie over risico- en middeleninformatie. Zo blijft in de psychotherapie zichtbaar welk punt rond aanmelding en hulpvraag of therapeutisch proces en interventies de psychotherapeut nog moet vastleggen. [1] [2] [3] [5] [6]
Doelvoortgang, evaluatie en afsluiting staat voorop zodra Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting wordt ingezet in het psychotherapeutische proces, met afsluiting en nazorg als concrete context erbij. Hulpvraag en therapeutische relatie onderscheidt doelvoortgang van een professionele conclusie. Bijdragen van cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond afsluiting en nazorg worden door Hysio geordend, zonder een eigen conclusie te trekken over risico- en middeleninformatie. De psychotherapeut legt vervolgens vast wat over doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en afsluiting en nazorg in de psychotherapie expliciet is besproken en wat nog openstaat. [1] [4] [5] [6]
Met therapeutische relatie als concrete context zet Hysio Psychotherapiesessie doelvoortgang, evaluatie en afsluiting voorop binnen het psychotherapeutische proces. Vanuit hulpvraag en therapeutische relatie blijft interventies en respons te onderscheiden van een professionele conclusie. Hysio ordent wat cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond therapeutische relatie inbrengen, zonder daar een eigen conclusie over risico- en middeleninformatie aan toe te voegen. In de psychotherapie legt de psychotherapeut vast wat over doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en interventies en respons expliciet is besproken, en wat daarin nog open blijft staan. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting geeft aanmelding en hulpvraag voorrang in het psychotherapeutische proces en gebruikt interventies en respons als concrete context. Hulpvraag en therapeutische relatie is het aanknopingspunt om doelvoortgang te onderscheiden van een professionele conclusie. Wat cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond interventies en respons aandragen, ordent Hysio zonder er een eigen conclusie over risico- en middeleninformatie aan te koppelen. De psychotherapeut legt binnen de psychotherapie vast wat expliciet is besproken, met aanmelding en hulpvraag en doelvoortgang als het punt dat nog open ligt. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
In het psychotherapeutische proces werkt Hysio Psychotherapeutische Intake vanuit therapeutisch proces en interventies, met doelvoortgang als concrete context. Hulpvraag en therapeutische relatie helpt afsluiting en nazorg te onderscheiden van een professionele conclusie, terwijl Hysio de bijdragen van cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond doelvoortgang ordent zonder zelf te concluderen over risico- en middeleninformatie. Zo legt de psychotherapeut in de psychotherapie vast wat er over therapeutisch proces en interventies en afsluiting en nazorg expliciet gezegd is, en wat er nog open staat. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Hysio Psychotherapiesessie start het psychotherapeutische proces bij doelvoortgang, evaluatie en afsluiting, met afsluiting en nazorg als de concrete context daarbij. Om hulpvraag en verwachtingen te onderscheiden van een professionele conclusie, blijft hulpvraag en therapeutische relatie het uitgangspunt. De bijdragen van cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond afsluiting en nazorg worden geordend door Hysio, dat geen eigen conclusie trekt over risico- en middeleninformatie. Wat over doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en hulpvraag en verwachtingen in de psychotherapie expliciet is besproken, en wat niet, legt de psychotherapeut zelf vast. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Zodra aanmelding en hulpvraag aan de orde komt, zet Hysio Psychotherapie Evaluatie & Afsluiting dat voorop in het psychotherapeutische proces, met hulpvraag en verwachtingen als concrete context. Vanuit hulpvraag en therapeutische relatie wordt therapeutische relatie zo onderscheiden van een professionele conclusie. Hysio ordent daarbij wat cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond hulpvraag en verwachtingen inbrengen, zonder een eigen conclusie over risico- en middeleninformatie. De psychotherapeut legt in de psychotherapie tot slot vast wat rond aanmelding en hulpvraag en therapeutische relatie expliciet is besproken en wat nog openstaat. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Hysio Psychotherapeutische Intake laat in het psychotherapeutische proces therapeutisch proces en interventies voorop staan, met therapeutische relatie als concrete context erbij. Hulpvraag en therapeutische relatie onderscheidt daarbij interventies en respons van een professionele conclusie. Hysio ordent de bijdragen die cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen rond therapeutische relatie leveren, zonder er zelf een conclusie over risico- en middeleninformatie aan te verbinden. De psychotherapeut legt in de psychotherapie uiteindelijk vast wat er rond therapeutisch proces en interventies en interventies en respons expliciet is besproken en wat nog open blijft. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Bij het psychotherapeutische proces begint een psychotherapeutisch dossier met de bron voor doelvoortgang, evaluatie en afsluiting, aangevuld met de herkomst van hulpvraag en verwachtingen. Lopen afsluiting en nazorg en hulpvraag en verwachtingen uiteen, dan blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen als afzonderlijke bronnen herkenbaar. Toestemming, cliëntrespons en hulpvraag en verwachtingen verbindt de psychotherapeut met de dossiercontext, zonder dat Hysio aannames toevoegt. Zo blijkt uit het concrete contact rond doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en hulpvraag en verwachtingen waar interventiekeuze vandaan komt. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
De bron voor aanmelding en hulpvraag vormt binnen het psychotherapeutische proces het startpunt van een psychotherapeutisch dossier; de herkomst van therapeutische relatie komt daar apart bij. Wanneer hulpvraag en verwachtingen en therapeutische relatie van elkaar afwijken, blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen toch als losse bronnen zichtbaar. De psychotherapeut koppelt toestemming, cliëntrespons en therapeutische relatie aan de dossiercontext, terwijl Hysio geen aannames invult. Het concrete contact rond aanmelding en hulpvraag en therapeutische relatie laat zo zien waaruit interventiekeuze is opgebouwd. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Een psychotherapeutisch dossier opent binnen het psychotherapeutische proces met de bron voor therapeutisch proces en interventies, waarna de herkomst van interventies en respons apart wordt genoteerd. Wijken therapeutische relatie en interventies en respons van elkaar af, dan blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen als eigen bronnen te onderscheiden. De psychotherapeut legt toestemming, cliëntrespons en interventies en respons vast in de dossiercontext, zonder dat Hysio daar aannames aan toevoegt. Zo toont het concrete contact rond therapeutisch proces en interventies en interventies en respons de herkomst van interventiekeuze. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Voor het psychotherapeutische proces start een psychotherapeutisch dossier bij de bron voor doelvoortgang, evaluatie en afsluiting, met de herkomst van doelvoortgang als aanvulling. Cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven losse bronnen wanneer interventies en respons en doelvoortgang niet overeenkomen. Toestemming, cliëntrespons en doelvoortgang verbindt de psychotherapeut zelf met de dossiercontext, Hysio vult niets zelf in. Uit het concrete contact rond doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en doelvoortgang blijkt zo waar interventiekeuze op stoelt. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Het psychotherapeutisch dossier begint, binnen het psychotherapeutische proces, bij de bron voor aanmelding en hulpvraag; de herkomst van afsluiting en nazorg wordt daarnaast vastgelegd. Zodra doelvoortgang en afsluiting en nazorg uiteenlopen, blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen herkenbaar als afzonderlijke bronnen. De dossiercontext koppelt de psychotherapeut aan toestemming, cliëntrespons en afsluiting en nazorg, zonder aanvulling met aannames van Hysio. Zo wordt via het concrete contact rond aanmelding en hulpvraag en afsluiting en nazorg zichtbaar waaruit interventiekeuze voortkomt. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Binnen het psychotherapeutische proces vertrekt een psychotherapeutisch dossier vanuit de bron voor therapeutisch proces en interventies, aangevuld met de herkomst van hulpvraag en verwachtingen. Cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven als eigen bronnen zichtbaar zodra afsluiting en nazorg en hulpvraag en verwachtingen uiteenlopen. De psychotherapeut verbindt hulpvraag en verwachtingen, toestemming en cliëntrespons met de dossiercontext, terwijl Hysio geen aannames toevoegt. Het concrete contact rond therapeutisch proces en interventies en hulpvraag en verwachtingen laat daardoor zien waar interventiekeuze vandaan komt. [1] [4] [6] [7]
De bron voor doelvoortgang, evaluatie en afsluiting opent het psychotherapeutisch dossier binnen het psychotherapeutische proces; daarnaast wordt de herkomst van therapeutische relatie genoteerd. Als hulpvraag en verwachtingen en therapeutische relatie uiteenlopen, blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen elk als eigen bron te herkennen. Toestemming, cliëntrespons en therapeutische relatie legt de psychotherapeut vast binnen de dossiercontext, zonder aannames van Hysio. Zichtbaar blijft zo, via het concrete contact rond doelvoortgang, evaluatie en afsluiting en therapeutische relatie, waar interventiekeuze uit voortkomt. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Bij het psychotherapeutische proces start het psychotherapeutisch dossier met de bron voor aanmelding en hulpvraag, gevolgd door de herkomst van interventies en respons. Cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen blijven te onderscheiden bronnen wanneer therapeutische relatie en interventies en respons niet samenvallen. De psychotherapeut brengt toestemming, cliëntrespons en interventies en respons samen in de dossiercontext; Hysio voegt daar geen aanname aan toe. Zo laat het concrete contact rond aanmelding en hulpvraag en interventies en respons zien waaruit interventiekeuze is ontstaan. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Een psychotherapeutisch dossier begint binnen het psychotherapeutische proces bij de bron voor therapeutisch proces en interventies, met de herkomst van doelvoortgang als tweede notitie. Zodra interventies en respons en doelvoortgang uiteenlopen, blijven cliënt, psychotherapeut en eventuele andere betrokkenen als afzonderlijke bronnen zichtbaar. Toestemming, cliëntrespons en doelvoortgang verbindt de psychotherapeut aan de dossiercontext, waarbij Hysio geen aannames aanvult. Het concrete contact rond therapeutisch proces en interventies en doelvoortgang maakt zo duidelijk waaruit interventiekeuze voortkomt. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Nee. Hysio voegt niet zelfstandig een diagnose, indicatie, therapeutische keuze, risico-inschatting of medicatieadvies toe. Hysio ordent alleen brongebonden informatie; de psychotherapeut controleert de tekst en bepaalt wat in het dossier komt. Maak broninformatie en professionele afweging afzonderlijk herkenbaar, zodat de psychotherapeut de uiteindelijke notitie gericht kan controleren. [1] [2] [3] [4] [6] [7]
Besproken meetinformatie zijn voor de psychotherapeut bruikbaar bij aanmelding en hulpvraag; bij therapeutische relatie horen altijd datum en broncontext genoteerd te worden. Een observatie staat in het psychotherapeutische proces los van interventiekeuze, dus maakt Hysio van interventies en respons geen uitslag of advies. De herkomst en datum van risico- en middeleninformatie bewaart de bron zelf bij interventies en respons. Voordat je opslaat, controleert de psychotherapeut hulpvraag en therapeutische relatie bij therapeutische relatie, de relevante vaktaal en de dossiercontext. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Bij therapeutisch proces en interventies kan de psychotherapeut besproken meetinformatie gebruiken; noteer voor interventies en respons steeds de datum en de broncontext. Omdat een observatie in het psychotherapeutische proces los staat van interventiekeuze, geeft Hysio aan doelvoortgang geen uitslag of advies mee. Herkomst en datum van risico- en middeleninformatie blijven bij doelvoortgang bewaard door de bron. De dossiercontext, de relevante vaktaal en hulpvraag en therapeutische relatie bij interventies en respons controleert de psychotherapeut voordat er iets wordt opgeslagen. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Voor doelvoortgang, evaluatie en afsluiting zijn besproken meetinformatie bruikbare gegevens voor de psychotherapeut, waarbij doelvoortgang altijd van datum en broncontext wordt voorzien. In het psychotherapeutische proces blijft een observatie los van interventiekeuze; afsluiting en nazorg krijgt daarom van Hysio geen uitslag of advies. De bron bewaart bij afsluiting en nazorg zelf de herkomst en datum van risico- en middeleninformatie. De psychotherapeut checkt tot slot hulpvraag en therapeutische relatie bij doelvoortgang, de vaktaal en de dossiercontext, voordat wordt opgeslagen. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
De psychotherapeut kan besproken meetinformatie inzetten bij aanmelding en hulpvraag; datum en broncontext horen daarbij altijd bij afsluiting en nazorg genoteerd. Een observatie blijft in het psychotherapeutische proces los van interventiekeuze, waardoor Hysio hulpvraag en verwachtingen niet omzet in een uitslag of advies. Bij hulpvraag en verwachtingen zorgt de bron zelf voor het bewaren van herkomst en datum van risico- en middeleninformatie. Voor opslag controleert de psychotherapeut nog hulpvraag en therapeutische relatie bij afsluiting en nazorg, de vaktaal en de dossiercontext. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Besproken meetinformatie zijn bruikbaar voor de psychotherapeut bij therapeutisch proces en interventies, mits bij hulpvraag en verwachtingen steeds datum en broncontext genoteerd staan. Interventiekeuze en observatie blijven in het psychotherapeutische proces gescheiden, dus verbindt Hysio geen uitslag of advies aan therapeutische relatie. De herkomst en datum van risico- en middeleninformatie bewaart de bron bij therapeutische relatie. Vóór opslag toetst de psychotherapeut hulpvraag en therapeutische relatie bij hulpvraag en verwachtingen samen met de relevante vaktaal en de dossiercontext. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Bruikbaar voor de psychotherapeut bij doelvoortgang, evaluatie en afsluiting zijn besproken meetinformatie; bij therapeutische relatie noteer je hierbij steeds datum en broncontext. In het psychotherapeutische proces staat de observatie los van interventiekeuze, waardoor interventies en respons bij Hysio geen uitslag of advies wordt. Herkomst en datum van risico- en middeleninformatie bewaart de bron zelf, bij interventies en respons. Hulpvraag en therapeutische relatie bij therapeutische relatie, de vaktaal en de dossiercontext controleert de psychotherapeut voordat je opslaat. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Bij aanmelding en hulpvraag zet de psychotherapeut besproken meetinformatie in; noteer hierbij bij interventies en respons steeds datum en broncontext. Een observatie in het psychotherapeutische proces staat los van interventiekeuze: Hysio maakt van doelvoortgang dus geen uitslag of advies. Bij doelvoortgang blijft het aan de bron om herkomst en datum van risico- en middeleninformatie te bewaren. Voordat er iets wordt opgeslagen, controleert de psychotherapeut hulpvraag en therapeutische relatie bij interventies en respons, de vaktaal en de dossiercontext. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Voor de psychotherapeut bruikbaar bij therapeutisch proces en interventies zijn besproken meetinformatie, met bij doelvoortgang altijd datum en broncontext genoteerd. Interventiekeuze en observatie horen in het psychotherapeutische proces niet samen, dus geeft Hysio afsluiting en nazorg geen uitslag of advies mee. De bron bewaart bij afsluiting en nazorg de herkomst en datum van risico- en middeleninformatie zelf. Hulpvraag en therapeutische relatie bij doelvoortgang, de relevante vaktaal en de dossiercontext controleert de psychotherapeut nog voor opslag. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Besproken meetinformatie kunnen de psychotherapeut bij doelvoortgang, evaluatie en afsluiting van dienst zijn; bij afsluiting en nazorg hoort daarbij steeds datum en broncontext. Het psychotherapeutische proces houdt observatie los van interventiekeuze, waardoor hulpvraag en verwachtingen bij Hysio nooit een uitslag of advies wordt. De bron bewaart de herkomst en datum van risico- en middeleninformatie bij hulpvraag en verwachtingen. Voor opslag controleert de psychotherapeut ten slotte hulpvraag en therapeutische relatie bij afsluiting en nazorg, de vaktaal en de dossiercontext. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
De psychotherapeut kan bij aanmelding en hulpvraag terugvallen op besproken meetinformatie; bij hulpvraag en verwachtingen staan datum en broncontext er steeds bij genoteerd. Interventiekeuze en observatie blijven binnen het psychotherapeutische proces gescheiden, dus maakt Hysio van therapeutische relatie geen uitslag of advies. Bij therapeutische relatie is het de bron die herkomst en datum van risico- en middeleninformatie bewaart. De psychotherapeut rondt af met een controle van hulpvraag en therapeutische relatie bij hulpvraag en verwachtingen, de vaktaal en de dossiercontext voordat je opslaat. [1] [2] [3] [4] [6] [7] [8]
Open een sessienotitie met de hulpvraag, het afgesproken doel en de woorden van de cliënt. Noteer interventies en reactie als afzonderlijke onderdelen. Hysio helpt de volgorde bewaken. De psychotherapeut controleert de professionele duiding en bepaalt welke formulering in het dossier blijft. Houd behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang in dezelfde broncontext, zodat een later gesprek daarop kan voortbouwen. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Houd behandelrelatie, interventie, doel en doelvoortgang uit elkaar. Leg vast wie een uitspraak deed en wanneer een afspraak ontstond. Hysio ordent de notitie. De psychotherapeut vult ontbrekende context vanuit het gesprek aan en controleert de tekst vóór opslag. Leg per onderdeel van behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang vast of het om een melding, observatie of professionele duiding gaat. Daardoor kan de psychotherapeut verschillen of ontbrekende context gericht nalopen voordat de notitie wordt afgerond. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
In een therapiesessie moet de cliëntbeleving onderscheiden blijven van de professionele reflectie. Hysio kan hulpvraag en besproken voortgang plaatsen, maar bepaalt geen diagnose, indicatie, therapeutische keuze, risico-inschatting of medicatieadvies. De psychotherapeut beoordeelt de betekenis en accordeert het verslag. Een losse indruk over behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang krijgt geen betekenis zonder de vraag en omstandigheden waarin die ontstond. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Nee bij keuze risico-inschatting medicatieadvies toevoegen. Hysio kiest geen interventie en stelt geen diagnose, indicatie, risico-inschatting of medicatieadvies vast. Het platform kan uitspraken, observaties en afgesproken vervolg ordenen. De psychotherapeut bewaakt de behandelrelatie, controleert de bron en beslist wat daadwerkelijk wordt opgeslagen. Een nette samenvatting van behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang verandert geen onzekerheid in een vastgesteld professioneel feit. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Profielcode 074 staat voor Psychotherapie. Deze code verbindt vragen, bronnen en AI-assistenten met het juiste beroep. Zij bewijst geen bevoegdheid en zegt niets over de kwaliteit van een sessie-uitkomst. De psychotherapeut houdt hulpvraag en professionele afweging zelf onder controle. Gebruik de code als navigatie naar Psychotherapie, niet als bewijs van beroepsregistratie. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Beschrijf bij de hulpvraag welke bron informatie gaf, op welk moment en welke toestemming of begrenzing is besproken. Hysio maakt geen juridische conclusie uit de sessietekst. De psychotherapeut volgt de beroeps- en organisatieafspraken en kiest zelf de dossierbestemming. Bij twijfel over behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang blijft de informatie open totdat jij haar hebt gecontroleerd. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Als een sessie niet in de vaste indeling past, noteer doel, open punt en reden van afwijking. Hysio kiest geen andere therapeutische vorm en verzint geen ontbrekende interventie. De psychotherapeut vergelijkt de tekst met de sessie en maakt de definitieve keuze. Beschrijf de gekozen praktijkroute voor Psychotherapie alleen voor zover die bij jouw organisatie past. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Gebruik na een volle dag de kern van de sessie, de cliëntvraag en de afgesproken vervolgstap als vertrekpunt. Hysio zet expliciet genoemde informatie klaar. De psychotherapeut leest de context terug, schrapt aannames en bepaalt welke tekst het behandelproces correct weergeeft. Zo kan een collega de herkomst van behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang en het openstaande vervolg terugvinden. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Psychotherapie volgt hulpvraag, behandelrelatie, interventies en doelvoortgang. GZ-Psychologie ordent andere informatie rond aanmelding en klachtenbeloop. Hysio bewaart bron en context herkenbaar. De psychotherapeut geeft de professionele betekenis en controleert de dossierkeuze vóór de tekst wordt overgenomen. De professionele rol bepaalt welke afweging over behandelrelatie, interventies, doelen en doelvoortgang uiteindelijk wordt vastgelegd. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
In de sessienotitie blijven cliëntwoorden, interventie en doelvoortgang aan hun eigen context gekoppeld. Hysio kan de gesproken passages rubriceren, maar kent geen therapeutische betekenis toe. De psychotherapeut let op de behandelrelatie, benoemt het afgesproken vervolg en beslist welke gecontroleerde tekst wordt bewaard. Een onduidelijk punt blijft expliciet open totdat het tijdens een volgend contact is verduidelijkt. Leg ook de gekozen gesprekstechniek en cliëntreactie herkenbaar vast. Een lezer van Psychotherapie moet het verschil tussen bron en duiding kunnen terugzien. [1] [2] [3] [4] [5] [6]
Het geldende beroepskader bepaalt welke informatie zorgvuldig en herleidbaar wordt vastgelegd.